Infographic met checklist ontvangen om je (thuis)werkplek ergonomisch in te stellen?

Voor de zorgsector

Instrumenten fysieke belasting

Fysieke belasting aanpakken begint bij weten waar die zit. Voor de zorg bestaat een compleet instrumentarium, grotendeels gratis en online te gebruiken. Dit is het overzicht, geordend volgens de aanpak die TNO hanteert.

  • De TOP-strategie: in welke volgorde maatregelen effect hebben
  • Welk instrument bij welke vraag hoort, met directe links
  • De normen waaraan gemeten wordt: mobiliteitsklassen en praktijkrichtlijnen
Ergonomisch advies over de inrichting van werkplekken

— De aanpak

Meten is de eerste stap, niet de laatste

De volgorde waarin je maatregelen neemt bepaalt hoeveel effect ze hebben. Die volgorde heet de TOP-strategie: eerst technische maatregelen die het risico bij de bron wegnemen, dan organisatorische maatregelen die het werk anders inrichten, en pas daarna persoonsgebonden maatregelen zoals training en instructie. Het is de vertaling van de arbeidshygiënische strategie naar fysieke belasting.

Dat verklaart waarom meten vooropgaat: pas als je weeït of het risico in werkhoudingen zit of in zware lasten, kun je bepalen welke maatregel hóórt bij het probleem. Een tiltraining voor een team dat eigenlijk een plafondlift nodig heeft, is een persoonsgebonden oplossing voor een technisch probleem.

— Risico's meten

Welke vraag stel je, en waarmee meet je die?

Voor de zorg is het instrumentarium ongewoon compleet: er is voor bijna elke vraag een online instrument, en het meeste is gratis te gebruiken. Grofweg zijn er vier vragen:

  • Hoe zwaar is de belasting van onze zorgverleners? → de TilThermometer
  • En van de mensen zonder zorgtaken, zoals keuken, facilitair en de huishoudelijke dienst? → de RisicoRadar
  • Voldoet ons beleid aan de voorwaarden? → de BeleidsSpiegel
  • Wat kunnen onze mensen al, en wat moeten ze nog leren? → de LeerStand

TNO onderhoudt hiervan een overzicht voor de zorg.

— De instrumenten

Vier instrumenten die je zelf kunt inzetten

Alle vier online, en te gebruiken zonder dat je er een adviseur bij nodig hebt:

TilThermometer

Bepaalt hoe hoog en van welk type de fysieke belasting van zorgverleners is, en toetst dat aan de praktijkrichtlijnen. Werkt via de mobiliteitsklassen; per sector een eigen versie.

RisicoRadar

Hetzelfde, maar voor medewerkers zónder zorgtaken: facilitair, keuken, huishoudelijke dienst. Vaak de vergeten groep in een zorgorganisatie.

BeleidsSpiegel

Toetst of het beleid fysieke belasting van de organisatie aan de voorwaarden voldoet. Er is ook een variant voor psychosociale arbeidsbelasting.

LeerStand

Laat medewerkers hun eigen kennis en vaardigheden beoordelen en geeft een persoonlijk leeradvies, voor zorgverleners én ondersteunende diensten.

— De normen

Waaraan wordt gemeten?

Twee normenkaders liggen onder vrijwel alle zorginstrumenten. De mobiliteitsklassen A tot en met E delen cliënten in naar de hulp die ze nodig hebben, van volledig zelfstandig (A) tot volledig afhankelijk (E). De Arbocatalogus VVT koppelt daar de jaarlijkse scholingsnorm aan (klasse B tot en met E). De Praktijkrichtlijnen Fysieke Belasting geven per handeling de grenswaarden waaraan de TilThermometer en de RisicoRadar toetsen.

Daarnaast bestaan er methoden die in elke werkomgeving bruikbaar zijn: de KIM (Key Indicator Method) van het Duitse instituut BAuA scoort sleutelkenmerken van een taak tot één risicogetal; de NIOSH-tilformule berekent een aanbevolen tilgewicht; RULA en REBA analyseren werkhoudingen. Het Arboportaal bundelt hulpmiddelen voor tillen en dragen.

— Zelf aan de slag

Gratis kennis en oefenmateriaal

Naast de meetinstrumenten is er veel vrij beschikbaar lesmateriaal, dat je zonder account kunt gebruiken:

  • FreeLearning — ruim zestig gratis e-learningmodules
  • Goed Gebruik — ruim tweehonderd films over fysiek gezond werken in de zorg
  • Ergofilm — korte praktijkfilmpjes over ergonomie in de zorg
  • ZelfredzaamheidsRadar — brengt in kaart wat een cliënt zélf kan, en hoe je dat vergroot

Die laatste raakt de kern van de TOP-strategie: elke handeling die een cliënt zelf kan doen, is een tillast die niemand hoeft te dragen.

— Herkomst

Waar deze instrumenten vandaan komen

De zorginstrumenten en de praktijkrichtlijnen komen voort uit onderzoek van LOCOmotion; TNO Fysieke Belasting bundelt ze en beheert de TOP-strategie. De KIM is van het Duitse federale instituut BAuA, de tilformule van het Amerikaanse NIOSH. Voor de VVT ligt de norm vast in de Arbocatalogus VVT. Alle links op deze pagina zijn gecontroleerd in augustus 2026.

— Vragen

Vragen over het meten van fysieke belasting

Wat is het verschil tussen de TilThermometer en de RisicoRadar?

De TilThermometer meet de belasting van medewerkers met zorgtaken; de RisicoRadar doet hetzelfde voor medewerkers zónder zorgtaken: facilitair, keuken en huishoudelijke dienst. Beide toetsen aan dezelfde praktijkrichtlijnen. Organisaties meten vaak alleen de eerste groep en missen zo een deel van hun risico.

Kosten deze instrumenten geld?

De genoemde zorginstrumenten zijn online en grotendeels gratis te gebruiken; sommige vragen een account. Ze zijn ontwikkeld met publieke middelen en bedoeld om breed gebruikt te worden.

Kunnen we dit zelf of hebben we een deskundige nodig?

Invullen kun je zelf. Waar het vaker misgaat is de stap erna: de uitkomst vertalen naar maatregelen in de juiste volgorde. Een score zegt weinig zonder het gesprek over wat technisch, organisatorisch en persoonsgebonden haalbaar is op jullie afdelingen.

Wat doe je met de uitkomst van een meting?

Die leg je langs de TOP-strategie: kan het risico technisch worden weggenomen (hulpmiddel, inrichting), kan het werk anders georganiseerd worden (planning, taakverdeling), en pas daarna: wat moeten mensen leren. In die volgorde, omdat een maatregel bij de bron het meeste oplevert.

Hoe vaak moet je opnieuw meten?

Daar is geen vaste termijn voor. In de praktijk meet je opnieuw bij een verbouwing, een nieuwe cliëntpopulatie of nieuwe hulpmiddelen, en om te toetsen of genomen maatregelen effect hebben gehad. De Arbocatalogus VVT noemt monitoring uitdrukkelijk als onderdeel van beleid; verzuimcijfers alleen zijn daarvoor niet genoeg.

Meten de instrumenten ook mentale belasting?

De genoemde instrumenten gaan over fysieke belasting. Voor psychosociale arbeidsbelasting bestaat een aparte BeleidsSpiegel, en de Arbowet behandelt het als eigen onderwerp binnen de RI&E.

Zijn deze instrumenten verplicht?

Nee. Verplicht is de RI&E, waarin fysieke belasting beoordeeld moet worden. Deze instrumenten zijn een erkende manier om dat te doen: de Arbocatalogus VVT noemt de TilThermometer expliciet als monitoringsinstrument.